ENKELE OPMERKINGEN
over het woord
KOMST
Het nieuwe testament is geschreven in het Grieks, een taal die expressiever is dan het Nederlands. De Nederlandse vertaling van het nieuwe testament gebruikt minder verschillende woorden die betrekking hebben op de komst van de Heer dan het Grieks. In de oorspronkelijke tekst zijn de volgende zes woorden gebruikt, wanneer het gaat over de komst van de Heer Jezus Christus:
1. Parousia komt in het nieuwe testament 24 keer voor. Het is afgeleid van het werkwoord paremi, dat aanwezig zijn betekent. Parousia betekent dan ook aanwezigheid. "Heb geduld, broeders, tot de komst van de Heer" (Jac.5:7). Parousia duidt niet op iemands aankomst, maar op het gekomen zijn, op aanwezigheid.
2. Apokalupsis komt van het werkwoord apokalupto, dat ontsluieren betekent. Het duidt op zichtbaar worden van wat eerst bedekt was. "Wees nuchter en vestig uw hoop volkomen op de genade, die u gebracht wordt door de openbaring (ontsluiering) van Jezus Christus" (1Pet.1:13).
3. Epiphaneia is afgeleid van een werkwoord met de volgende betekenissen: schijnen, verschijnen, aan het licht brengen. Epiphaneia wordt b.v. gebruikt, als er een ster (die er steeds was) in de donkerte van de nacht gaat schijnen, verschijnen. Het woord wordt dan ook gebruikt met betrekking tot de heerlijkheid en de majesteit van de Heer, die er wel altijd was en die op een gegeven moment zichtbaar wordt.
4. Phaneroo betekent duidelijk maken, merkbaar maken. "Als Hij zal geopenbaard zijn (duidelijk merkbaar zal zijn), zullen wij Hem gelijk wezen" (1Joh.3:2).
5. Erchomai duidt op de gebeurtenis van het komen zelf. "Zie, hij komt (is komende) met de wolken" (Op.1:7).
6. Heko benadrukt de plaats van Zijn komst. "Houd vast, totdat Ik (in u) gekomen ben" (Op.2:25, vgl.3:20).
In de nu volgende studies komen al deze aspecten uitgebreid aan bod.